De POPLA-polikliniek, onderdeel van het specialisme Kindergeneeskunde, is er voor kinderen die problemen hebben met zindelijk worden. Dit komt regelmatig voor. Zo hebben 2 tot 3 kinderen per basisschoolklas regelmatig een natte broek. Van de 6-jarigen plassen 3 tot 4 kinderen per klas in hun bed, bij 8-jarigen nog 2.
In de meeste gevallen worden kinderen vanzelf zindelijk. Maar zo'n 1 tot 2 procent van de kinderen houdt problemen tot ze volwassen zijn. De huisarts kan deze kinderen en hun ouders doorverwijzen naar de Poep- en plaspolikliniek (POPLA-poli).
De POPLA- poli is voor:
kinderen vanaf 4 jaar die overdag een natte broek hebben of problemen hebben met poepen
kinderen vanaf 6 jaar die bedplassen.
kinderen die zindelijk zijn, maar regelmatig urineweginfecties hebben of hebben gehad
Voorbereiding
Ter voorbereiding op het bezoek aan de POPLA-poli krijgt u een vragenlijst. U houdt enkele dagen op een lijst bij hoeveel uw kind drinkt, plast en poept. Ook krijgt u een laboratoriumbriefje voor urineonderzoek. Ten slotte wordt van tevoren een afspraak gemaakt voor uw kind op de afdeling Radiologie. Daar wordt een echo gemaakt van de nieren en blaas van uw kind.
Op de polikliniek
Een bezoek aan de POPLA-poli duurt 2 tot 3 uur en vindt plaats met andere kinderen en hun ouders. Op de polikliniek nemen wij kort de vragenlijsten met u en uw kind door. De kinderarts onderzoekt uw kind. Het is de bedoeling dat uw kind een aantal maal op een speciaal toilet plast. Deze toilet meet hoe en hoeveel uw kind plast. Na het bezoek aan de polikliniek volgt een nieuwe afspraak. Hierin worden de uitslagen van de onderzoeken met u besproken en krijgt u een behandeladvies.